Geschiedenis

Côtes-d'Armor

 Finistère

 Ille-et-Vilaine

Morbihan

Foto's reis 1

Foto's reis 2

QUIMPER

 

De historische stad Quimper (Kimper in het Bretons) heeft een bijzonder rijk erfgoed. De kathedraal is gerestaureerd en twee pleinen, Places Laënnec en Place St.Corentin zijn opnieuw ingericht.
Een 12de-eeuwse begraafplaats en esplanades uit de 14de eeuw werden blootgelegd en de nieuwste aanwinst is Le Quartier, een cultureel district.
Quimper kan terugzien op een illuster verleden, beroemde inwoners waren
Fréron (1718-1776), tegenstrever van Voltaire,
de avonturier René Madec (1738-1784),
de dichter Max Jacob (1876-1944)


René Laënnec (1781-1826), uitvinder van de stethoscoop.

Ook ontdekkingsreiziger Yves de Kerguelen kwam uit Quimper.
De Keltische identiteit van de stad komt tot uiting in liet culturele Festival de Comouaille.

Sinds 1690 wordt hier de befaamde faience gemaakt.


Cathédrale St.-Corentin

Onder de indruk van de diep devore Corentine die hij (volgels de legende) op Ménez-Hom ontmoette, nodigde koning Gradlon de kluizenaar uit om bisschop van Quimper te worden. Hij gaf hem een stuk grond voor de bouw van een kathedraal. Uit de geschiedenis blijkt dat bisschop Rainaud in 1239 als eerste deel, het koor bouwde. Bij de bouw van de lichte, hoge kerk werden nieuwe constructietechnieken toegepast, gewelfribben werden gesteund door luchtbogen. Het koor volgt niet de stijl van het schip, maar die van een oudere kapel met de graftombe van Alain Cahiart die in 913 de Normandische invasie afweerde,


De historie van de Quimper-faience begon in 1690, toen Jean-Baptiste Bousguet neerstreek in de stads-wijk Locmaria. Hij kwam uit Moustiers in de Provence. Omdat daar de concurrentie moordend was en het hout voor de ovens schaars, zocht hij zijn geluk elders.
In Cornouaille waren er bossen in overvloed en de koninklijke kapvergunning voor brandhout werd eenvoudig verkregen. In het gebied was voldoende klei aanwezig die over de Odet vervoerd kon worden.
De Manufacture de Pipes et Fayences van Bousquet groeide in korte tijd uit tot een centrum voor de faienceproductie. Dankzij het huwelijk van zijn kleindochter profiteerde hij van de Italiaanse invloed van een pottenbakker uit Nevers. Daarna werkte hij samen met een voor de faienceproductie toonaangevende fabriek uit Rouen.
In de 19de eeuw ontwierp Alfred Beau, fotograaf en amateurschilder uit Morlaix een nieuwe, op kleurrijke scènes uit het dagelijks leven gebaseerde stijl.

 
 

Geschiedenis van de faience
De wortels van de faienseproductie liggen in Zuid-Frankrijk en italië. Op de overwegend gele faience uit Nevers in Midden-Frankrijk worden alledaagse scènes afgebeeld. Faience uit Rouen, een groot centrum met een karakteristieke signatuur, is opvallend keurrijk. Er wordt gekozen uit een uitgebreid scala aan motieven, zoals bloemen, bomen, vogels en allerlei andere motieven.
In dc 19de eeuw stond de faienceproductie voornamelijk onder invloed van Alfred Beau en de kenmerkende Quimperstijl, waarbij alledaagse scènes in heldere kleuren werden uitgevoerd in de 'enkele streek' techniek. Hierbij werden tekening en kleur met een enkele penseelstreek aangebracht.

Het faience-aardewerk wordt van de schijf genomen, gedroogd, gebakken en geglazuurd. Daarna word het met de hand beschilderd. Elk ontwerp wordt eerst op papier getekend en de omtrekken worden uitgeprikt. De papiertekening wordt met houtskool op het glazuur overgebracht, vervolgens wordt het ontwerp met een fijne kwast ingekleurd en nogmaals gebakken.

 

 

Geschiedenis

Côtes-d'Armor

 Finistère

 Ille-et-Vilaine

Morbihan

Foto's reis 1

Foto's reis 2

Terug