Fougères, met het grootste middeleeuwse kasteel van Europa en is al rond het jaar 1000 ontstaan op een rotsachtig eiland in de rivier.
Het enorme kasteel is het bezoeken meer dan waard, net als het stadspark boven het kasteel met een prachtig uitzicht op de omgeving.
AIs belangrijke stad in het grensgebied van Bretagne kan Fougères terugzien op een bewogen geschiedenis.
De Franse invasie in 1488 begon hier, en de nederlaag van de Bretons tijdens de slag St-Aubin-du-Cormier betekende het einde van hun onafhankelijkheid.
Het imposante Château de Fougères is een groots voorbeeld van de middeleeuwse militaire architectuur.
Het ontstond tussen de 12de en 15de eeuw en de verdedigingswallen daarop 13 torens, omsluiten een gebied van 2 ha.
De concentrische plattegrond is kenmerkend voor de 12de- eeuwse vestingen.
In de 15de eeuw werden de vestingwallen aan de eisen van de moderne wapens aangepast en de schietgaten voor de lopen van de kanonnen verbreed.
De vijf verdedigingstorens (de Châtelet de I’Avancée, de Coëlogon, du Cadran, de Guibé en de Coigny) zijn ook uit deze periode.
De wal biedt een fraai stadsgezicht. De Eglise St.-Sulpice heeft een ranke spits en werd tussen de 15de en 18de eeuw gebouwd in de flamhoyant-gotische stijl. De twee 15de-eeuwse granieren altaren in het transept vormen een contrast met het 18de-eeuwse altaar in het koot. Er is ook de mooie kalksteenschildering uit de14de eeuw 'Maagd en Kind '.
In de oude stad (Bourg Vieil) aan de voet van her kasteel zijn veel oude vakwerkhuizen te zien, met name rond de Place da Marchix en in de Rue de Lusignan.
De nieuwe stad (Bourg Neuf) kijkt uit op het kasteel. Na diverse keren door brand te zijn verwoest, werd de stad in de 18de eeuw herhouwd.
|