Jeruzalem
Beersjeba
Jericho
Qumran
Geschiedenis
Bethlehem
Hebron
Jordaan- Dode Zee
Masada
Nazareth
Tiberias- Tabgha
Kapernaüm
Akko
Haifa
Caeserea
Tel-Aviv
Jaffa
Foto's allerlei
Onze reisfoto's
Jaffa Jaffa

JAFFA
Jaffa ligt ten zuiden van Tel-Aviv en heeft in tegenstelling tot Tel-Aviv een geschreven geschiedenis welke 3600 jaren teruggaat.
Oude Egyptische en Assyrische geschriften vermelden de naam Jafo.
Sedert de oudheid reeds was Jafo een belangrijke haven van Palestina en toegangspoort naar Jeruzalem.
Ooit werd het bewoond door Filistijnen. In Bijbelvertalingen wordt het 'Joppe' genoemd. 'Jafa' betekent mooi.
Het cederhout van de Libanon dat gebruikt werd bij de bouw van Salomo’s Tempel en de herbouw van de tempel onde leiding van Zerubbabel werd naar Jafo verscheept om daar gelost te worden.
Jaffa wordt ook genoemd op kleitabletten die bij Tel-el- Amarna zijn gevonden, en in de Griekse mythologie, in het verhaal van Andromeda. Ook binnen het Christendom vervulde de stad later een belangrijke rol.

Jaffa is onder andere bekend geworden vanwege de Jaffa sinaasappels die wereldwijd geëxporteerd worden.
De haven van Jaffa is inmiddels onder andere vanwege de opkomst van de havens van Haifa en Ashdod buiten gebruik geraakt als goederenhaven.
In de haven liggen nu vissersboten en enkele jachten en rondvaartboten.
De stad Tel Aviv, oorspronkelijk een plaatsje bij Jaffa, is door de jaren heen Jaffa voorbij gegroeid.
In 1950 werd Jaffa opgenomen in de gemeente 'Tel Aviv-Jafo'. Aangezien de afstand en de rest van Tel Aviv en Jaffa klein is, kan men langs het strand van Tel Aviv naar Jaffa wandelen.

Een van de poorten van Jeruzalem heet de Jaffa-poort. Deze poort ligt aan de westkant van de oude stad van Jeruzalem, op wat ooit de weg tussen Jaffa en Jeruzalem was.
Een hoofdstraat van Jeruzalem die naar die poort ligt, heet de Jaffo-straat.

Deze Arabische stad is dertig jaar geleden grondig gerestaureerd en heeft grote aantrekkingskracht op kunstenaars.
Tegenwoordig is Jaffa dus een kunstenaarscentrum, met vele ateliers, kunstgalerijen en juwelierswinkeI



Jaffa
 

De Jaffa-sinaasappel

Onze woorden sinaasappel of appelsien wijzen erop dat deze vrucht oorspronkelijk uit China kwam.
De Arabische geschiedschrijver Al Masudi (10de eeuw) vertelt hoe de sinaasappel via Indië en Oman al vanaf de begintijd van de islam naar Palestina en zijn buurlanden was gemigreerd. Oorspronkelijk was het een sierplant. De kalief van Baghdad legde in 932 sinaasappelgaarden aan in zijn paleis als decorum en ook in het Andaloesische Cordoba werd de Patio de los Naranjes vooral bewonderd om het uitzicht en de geur van de bloesems.
Dichters beschreven de appelsien in de meest exuberante bewoordingen.
Maar ook de vrucht viel in de smaak. Sinaasappelsap werd een gegeerd ingrediënt voor ijsgekoelde dranken, sharbats (hiervan komt ons woord sorbet).

Vanaf de 18de eeuw, dus lang voor er voor zionistische immigratie in Palestina sprake was werd Palestina bekend om zijn sinaasappels.
Het ging om twee soorten: de ronde, meer groene 'baladi' (ordinaire appelsien) en de meer oranje 'shamuti '(letterlijk: verkleurde).
De term sham(o)uti vind je nu nog vaak vermeld onder de merknaam Jaffa. Het was namelijk de shamuti die diende voor export, de baladi werd lokaal geconsummeerd.

Na het einde van de Krimoorlog (1856) kwam de export van shamuti-appelsienen in een stroomversnelling.
De uitvoerhaven was Jaffa, vandaar dat ze in Europa bekend werden als Jaffa-appelsienen.
In 1873, het zionisme moest nog altijd worden uitgevonden, telt de streek rond Jaffa al 420 sinaasappelplantages met een jaarlijkse produktie van 33,3 miljoen stuks.
Vijfzesde van de oogst wordt naar Turkije en Egypte geëxporteerd.
Na 1875 veroveren de Jaffa-appelsienen, onder die merknaam, de Europese markt.
In een rapport uit 1880 noteert de Britse consul in Jeruzalem dat de beste belegging in Palestina dan de citrusplantages zijn.
In 1886 vestigt de Amerikaanse consul, Henry Gillman in een rapport aan Washington, de aandacht op de geavanceerde enttechnieken van de Palestijnse boeren: “Het zou nuttig zijn dezelfde techniek in Florida toe te passen.” Nog een Brits consul, maar nu in 1893 rapporteert: “De sinaasbomen uit Palestina zijn superieur aan die in de andere kolonies.
Zowel in Zuid-Afrika als in Australië zou men er goed aan doen boompjes uit Jaffa te importeren.”

Wanneer de zionistische kolonisatie vanaf 1900 economisch op gang komt, gaan zij in deze zeer lucratieve citrusbranche investeren, maar zij zullen de Palestijnen niet kunnen onttronen.
Tussen 1922 en 1935 verzesvoudigen de Palestijnen de oppervlakte waarop zij sinaasappels kweken.
Het is pas na de oorlog van 1948 wanneer Israël het land overneemt dat zij de sinaasappelcultuur gaan quasi-monopoliseren. Zij zijn wel verplicht om de oude merknaam Jaffa, omwille van zijn grote naambekendheid, te behouden.
De stad Jaffa dopen zij wel om tot Yafo, de appelsienen blijven hun oude Arabische naam, Jaffa (en de soortnaam shamuti) behouden. Nu bebouwen de joden in Israël 143.500 dunam shamuti, de Israëlische Palestijnen slechts 1.100 dunam. 92% van de export gaat naar Europa.



Jeruzalem
Beersjeba
Jericho
Qumran
Geschiedenis
Bethlehem
Hebron
Jordaan- Dode Zee
Masada
Nazareth
Tiberias- Tabgha
Kapernaüm
Akko
Haifa
Caeserea
Tel-Aviv
Jaffa
Foto's allerlei
Onze reisfoto's